De roodkapparkiet een schoonheid onder de parkieten
De roodkapparkiet is de éénige vertegenwoordiger van het geslacht Purpureicephalus. Deze vogel bezit een uitzonderlijk mooie kleurenpracht , hij heeft een smalle voorhoofdschedel en een aparte smalle bek. Door deze aparte smalle bek kunnen ze als geen ander de zaden uit de langwerpige noten van de eucalyptus bomen halen. Deze prachtige Australische parkiet is eerder aan de schuwe kant. Iets wat wel vreemd is bij roodkapparkieten is dat ze zo van de ene op de andere dag plots kunnen dood aangetroffen worden. Hierdoor is deze prachtige Australische parkiet zeker ondergewaardeerd! zelf ben ik reeds enkele jaren in het bezit van een koppel van deze prachtige vogels, echt schuw zijn ze hier niet en ze knagen ook niet echt iets kapot wat wel door sommigen beweerd wordt. Evengoed, voor liefhebbers die wel eens van een uitdaging houden is de roodkapparkiet een perfecte uitdaging.
Beschrijving van de roodkapparkiet Example of Code
Herkomst: Zuidwest-Australië, ten zuiden van de rivier Moore nabij Perth.Soortbeschrijving: Purpureicephalus spurius (Kuhl, 1820)
Formaat: 37 cm.
Man: de karmozijnrode kap, waaraan deze vogel zijn naam dankt, beslaat de gehele schedel en reikt tot juist onder de ogen en de teugels. De wangvlekken, die vrijwel de gehele kopzijden beslaan, lopen vanaf de inzet van de ondersnavel onderlangs de ogen tot bijna aan de nek en zijn evenals de stuit en de bovenstaartdekveren geelgroen; mantel, rug en vleugeldek glanzend diepgroen, de handpennen hebben een blauwe buitenvlag. Borst, buik en het bovenste gedeelte van de flanken zijn mauvekleurig met violette gloed; het onderste gedeelte van de flanken, dijen, anaalstreek en de onderstaartdekveren is rood met hier en daar wat groene tekening. Bovenzijde middelste grote staartveren diepgroen naar de uiteinden toe overgaand in blauwgroen; secundaire staartveren bleekblauw met witte omzoming. Oogiris donkerbruin. De snavel is grijsachtig; kenmerkend voor de soort is de lange bovensnavel. Poten bruinachtig; nagels donkergrijs.
Pop: is doorgaans wat valer gekleurd. Vaak toont ze aan de flanken meer groen en ook aan de onderstaartdekveren. Overigens bestaat er erg veel kleurverschil tussen volwassen poppen. Sommige poppen zijn bijna even briljant van kleur als de mannen en bezitten een nagenoeg gelijke kapkleur, andere zijn beduidend matter van kleur en hebben een nagenoeg groen schedeldek. Een en ander maakt het samenstellen van een paar er niet gemakkelijker op. De kop van de pop is meestal iets kleiner en ronder van vorm, terwijl die van de man van opzij gezien wat langer is; bovendien heeft de man veelal een forsere snavel. Een andere aanwijzing vormt de bekende witte vleugelstreep aan de onderzijde van de vleugels. Wanneer een volwassen roodkap de vleugelstreep bezit is het tien tegen één een pop, anderzijds is het niet bij voorbaat een man wanneer de vleugelstreep ontbreekt.


