INFOWEBSITE PSITTACULA


Psittacula cyanocephala

 

foto: Koen Vande Kerckhove

 


STANDAARD:

De Pruimkop parkiet is wel de bekendste en meest gehouden,binnen deze groep en heeft als verspreidingsgebied Sri Lanka,Rameswaram Eiland,India,Oost Pakistan en vanaf Nepal tot aan Bhutan. Er zijn geen ondersoorten van de pruimkop parkiet. De man valt direct op met zijn ”pruimrode” kopkleur,deze is bij de pop grijs. De toppen van de staart zijn bij beide geslachten wit.de pop is wat doffer van kleur en mist de zwarte nekband,blauwe waas en schoudervlek. Van de pruimkop parkiet zijn er diverse mutaties opgetreden,warvan er al een aantal in deze standaard zijn opgenomen.

Formaat: 34 cm ,poppen 33 cm Ringmaat: 5,5 mm


KEURTECHNISCHE AANWIJZINGEN: Pruimkop parkiet

De pruimkop parkiet is een vrij algemene verschijning op een tentoonstelling,er moet dan ook goed op formaat en model gelet worden. Iele en/of te smalle vogels moeten streng gestraft worden. Een goede conditie is een eerste vereiste om voor een hoge waardering in aanmerking te komen ,het missen van een of meerdere nagels is ook een veelvoorkomende fout. De kleur moet helder en egaal zijn en niet vlekkerig overkomen. Het vleugeldek is harder groen dan de borst en rugdek,waar een waas over zit. De zwarte nekband moet strak afgelijnd zijn en niet te smal/fijn. De schoudervlek heeft de vorm van een driehoek en moet strak zijn. Poppen hebben een paarsgrijze kop en missen de zwarte nekband,wel bezit een pop een gele nekband,deze is vloeit iets over in de nek/rugdek. Poppen missen ook de schoudervlek ,het iets tonen hiervan is een kleurfout. Mannen zijn pas na het tweede jaar volledig op kleur. Jonge vogels hebben een grijsgroene kopkleur met een gele kraag in de nek en zijn veel doffer van kleur. Ook de staart is veel korter. In sommige literatuur worden 3 ondersoorten genoemd, in andere worden deze als aparte soorten omschreven. Hier worden waarschijnlijk o.a. de rozekop en rothschild’s mee bedoeld! Zie verder ook de andere Edelparkieten